Resultaten 2012 :       + 17   AEX-indexpunten        »        Winstpercentage :       + 61% (Opties)      + 72% (Turbo's/Speeders/Sprinters)        ------klik hier voor uitleg berekening winstpercentage-----          »          Resultaten 2004 t/m 2011 :       + 447   AEX-indexpunten        »        Winstpercentage :       + 2709% (Opties)      + 1743% (Turbo's/Speeders/Sprinters)        ------ klik hier voor uitleg berekening winstpercentage-----

Fibonacci ratios

Leonardo Fibonacci da Pisa was een wiskundige uit de dertiende eeuw. Een van zijn grootste ontdekkingen is zonder twijfel de zogenoemde Fibonacci reeks. Deze getallenreeks is als volgt opgebouwd: 1, 1, 2, 3, 5, 8, 13, 21, 34, 55, 89 enzovoort. Elk volgende getal uit de reeks wordt gevonden door steeds de voorgaande getallen bij elkaar op te tellen. Als men verderop in de reeks de getallen door elkaar deelt, dan ontstaat steeds de ‘gouden ratio’ van 1.618 of 0.618 (bijvoorbeeld 55/34 = 89/55 = 1.618 en 33/55 = 55/89 = 0.618).

De Fibonacci verhoudingen zijn zogeheten magische verhoudingen. De 61.8%-verhouding blijkt in vele natuurverschijnselen en menselijke activiteiten voor te komen. Zo blijkt de hartspier zich samen te trekken tot 61.8% van de hartspier in rust. Met andere woorden: onze hartspier gaat 38.2% terug. Ons hart symboliseert onze emotie en ook de financiële markten zitten vol emotie. Het kan dan ook niet toevallig zijn dat financiële markten vaak eveneens de magische verhoudingen laten zien. Vooral technisch analisten die in een natuurlijk ritme van de financiële markten geloven, hebben de magische Fibonacci verhoudingen opgepakt en in de technische analyse geïntroduceerd. De Elliott Wave Theorie gebruikt deze Fibonacci verhoudingen om de koersdoelen te berekenen.


Wanneer je telkens een getal overslaat
nader je de verhouding 0.382
Fibonacci reeks
Wanneer je telkens een getal overslaat
nader je de verhouding 2.618
                 De verhouding(ratio) van elk getal in de 
                                                                reeks tot het voorgaande getal nadert 1.618


De Fibonacci verhoudingen worden getekend door een fictieve trendlijn te trekken tussen twee extreme punten, een bodem en een top (of omgekeerd). Vervolgens worden er horizontale lijnen geplaatst op de Fibonacci niveaus: 0 %, 23.6 %, 38.2 %, 50 %, 61.8 %, 100 %, 161.8 %, 261.8 % en 423.6 % (of dus op 100%; 100 x 0.618 = 61.8%; 61.8 x 0.618 = 38.2%; 38.2 x 0.618 = 23.6%; 100 x 1.618 = 161.8%; 161.8 x 1.618 = 216.8%; 216.8 x 1.618 = 423.6%). Na een redelijke prijsbeweging komt het vaak voor dat er een gedeeltelijke terugval is van de koers. Deze terugval vindt dikwijls steun en weerstand op de Fibonacci niveaus.
Onderstaand voorbeeld toont een grafiek waarin we eerst een sterke stijging zien (dec. t/m jan.) en daarna een daling die in eerste instantie op het 38.2%-niveau stuit waarna de daling wordt voortgezet naar het 61.8%-niveau om vervolgens weer te stijgen.

Fibonacci voorbeeld

Indien bijvoorbeeld een golf 1 of A van welke rangorde (of tijdframe) dan ook is voltooid, kunt u de Fibonacci niveaus van 38.2%, 50% en 61.8% projecteren voor golf 2 of B, daarmee verkrijgt u de koersdoelen. Meestal is de derde golf de krachtigste en daarom zult u vaak merken dat golf 3 ongeveer 161.8 % van golf 1 bedraagt. Golf 4 laat gewoonlijk een correctie zien die minder is dan golf 2, zoals 23.6% of  38.2% van golf 3. Als golf 3 de langste golf is dan is de relatie tussen golf 5 en golf 3 vaak 61.8%. Golf 5 is meestal gelijk aan golf 1. Dezelfde verhoudingen kunnen worden gevonden tussen A and C golven. Gewoonlijk is C gelijk aan A of 161.8% van de lengte van A. U kunt zelfs golven combineren om steun- en weerstandniveaus te vinden. De netto koersbeweging van golf 1 en golf 3 keer 0.618 (61.8%) creëert bijvoorbeeld een ander interessant koersdoel voor golf 5.

Fibonacci voorbeeld


Golf 1

Golf 1, een nieuwe impuls koersbeweging, heeft de neiging te stoppen aan de basis van de vorige correctie, gewoonlijk de B golf. Dit valt vaak samen met een 38.2% of een 61.8% correctie van de voorgaande correctie.

Golf 2

Golf 2 corrigeert minimaal 38.2% en maximaal 100% van golf 1, een 61.8% correctie komt regelmatig voor. Stopt vaak bij sub-golf 4 en nog vaker bij sub-golf 2 van de vorige golf 1. Een herwinning van meer dan 76% is hoogst verdacht maar er worden nog geen regels geschonden.

Golf 3

Golf 3 is minimaal gelijk aan golf 1, behalve in een Triangle. Als golf 3 de langste golf is dan zal deze ongeveer 161.8% van golf 1 gaan bedragen of zelfs 261.8%.

Golf 4

Golf 4 herwint minimaal 23.6% van golf 3 en bereikt nog vaker een 38.2% correctie. Gewoonlijk wordt het gebied van sub-golf 4 van de vorige 3de golf bereikt.

Golf 5

Golf 5 is gewoonlijk gelijk aan golf 1 of legt een afstand af van 61.8% van de lengte van golf 1. Ook zou deze golf dezelfde verhouding tot golf 3 kunnen hebben of 61.8% van de netto lengte van golf 1 en golf 3 samen. Als golf 5 een verlengde golf is, bedraagt de verhouding meestal 161.8% van golf 3 of 161.8% van de exacte lengte van golf 1 en golf 3 samen.

Golf A

In een Zigzag herwint golf A vaak 61.8% van golf 5. Na een Triangle in golf 5 vertoont golf A een correctie tot golf 2 van de Triangle.

Golf B

In een Zigzag herwint golf B meestal 38.2% of 61.8% van golf A. In een Flat is golf B bij benadering gelijk aan golf A. In een Expanded Flat legt golf B meestal een afstand af van 138.2% van golf A.

Golf C

Golf C heeft minimaal een lengte van 61.8% van golf A. Het kan korter zijn, in dat geval draait het meestal uit op een mislukking, hetgeen weer een acceleratie in de tegenovergestelde richting voorspelt. Over het algemeen is golf C gelijk aan golf A of bereikt 161.8% van golf A. Golf C bereikt vaak 161.8% van de lengte van golf A in een Expanded Flat.

Golf D

In een convergerende Triangle legt golf D vaak een afstand af van 61.8% van golf B.

Golf E

In een convergerende Triangle bereikt golf E vaak 61.8% van golf C en kan niet langer zijn dan golf C.

Golf X

Golf X heeft een minimaal retracement van 38.2% van de vorige A-B-C correctie; een retracement van 61.8% is ook gebruikelijk.

De Fibonacci niveaus vinden we terug in de onderlinge verhoudingen van de golven maar ook in de tijdsprojecties van het verleden en de toekomst. De tijdtargets zijn een zeer interessante aanvulling maar zijn ook zeer moeilijk om exact te bepalen, de 'gouden ratio' kan gebruikt worden door deze als een tijdmeter toe te passen. In vele gevallen is de correctietijd 38.2% of 61.8% van de impulstijd, het loont de moeite om de Fibonacci verhoudingen van de tijdcycli bij de analyse van de markt te betrekken.

Vorige: